De klant stuurt een aanvraag: "We willen pick-and-place automatiseren. Universal Robots UR10e of KUKA?" Op die vraag kun je niet antwoorden zonder cijfers uit zijn productiehal. Een cobot is een uitstekende machine voor een taak die ermee past. Voor een taak die er niet bij past, is het een dure speeltje dat uw takt 60 % laat dichtslibben ten opzichte van wat een klassieke omhekte robot zou aankunnen.
Eerste beslismoment — cyclustijd
Niet veiligheid, niet de prijs van de robot, niet de integratie. **Cyclustijd bij de daadwerkelijke taak.**
- Cobot bij pick-and-place met willekeurige oriëntatie: **8–12 seconden** per cyclus. Universal Robots UR5e/UR10e, Doosan M0609, Techman TM5 zitten allemaal in hetzelfde venster. De beperking zit in safety-rated monitored stop (SRMS) — bij detectie van een operator moet de TCP-snelheid ≤ 250 mm/s zijn, dus acceleraties en pieksnelheden worden softwarematig afgekapt. Een cobot rijdt alleen in een afgeschermde zone op volle snelheid, maar als u die afschermt, heeft u een trage robot gekocht voor de prijs van een dure robot.
- Klassieke omhekte robot bij dezelfde pick-and-place: **2–3 seconden.** FANUC LR Mate 200iD/7L, ABB IRB 1200, KUKA KR Cybertech KR 6 R900 — allemaal rond de 2 seconden voor hetzelfde traject. Bij 8 uur per dag is dat het verschil tussen 1 800 en 14 400 cycli. Een factor vier.
Als de cyclustijd geen knelpunt is (downstream proces duurt sowieso 30 seconden), is een cobot prima. Is de takt van uw lijn 4 seconden, dan kunt u geen cobot inzetten — zelfs niet met de beste integratie. Daar is het project al gesneuveld vóór de aankoop.
Veiligheidsintegratie — het verborgen kostenblok
Het prijskaartje van de robotarm zelf bedraagt slechts 30–50 % van de werkelijke CAPEX van een robotcel. De andere helft is veiligheid.
Cobot — ISO/TS 15066 risicobeoordeling
ISO/TS 15066 (technische specificatie voor collaboratieve robots) vereist een **biomechanische analyse** — bij detectie van een aanvaring met een mens mag de kracht/druk op het lichaam niet boven de tabelwaarden uitkomen (bijv. voorhoofd 130 N, hand 140 N). Dat betekent:
- Risicobeoordelingsdocumentatie — doorgaans **€ 3–5 k** door een gecertificeerde integrator of externe expert (TÜV SÜD, DEKRA).
- Power-and-force-limiting validatie met force-torque-kalibratie — meten van aanvaringskrachten bij het reële traject. **€ 2–4 k** inclusief meetapparatuur (CoboSafe, GTE Pilz).
- Eventuele aanvullende sensoren — area scanner (SICK nanoScan3, ~€ 2–3 k), safety mat (~€ 1–2 k), light curtain bij de ingang van de zone (~€ 1,5–3 k) afhankelijk van het SRP/CS-niveau.
**Samen € 5–10 k aan veiligheidsinfrastructuur voor een cobot.**
Industriële robot — volledige afscherming
ISO 10218-2 (industriële robots) vereist fysieke scheiding van de operator. Reële prijzen:
- Afscherming met gaas of polycarbonaatpanelen: 30–80 m² × € 120–200/m² = **€ 3,5–16 k**.
- Veiligheidsdeuren met interlock (Pilz PSEN ml1p, Sick i110, Schmersal AZM 300): 2× € 1,5–3 k = **€ 3–6 k**.
- Light curtain of laser scanner bij de ingang (SICK miniTwin, deTec4 Core): **€ 2–5 k**.
- Veiligheids-PLC (Pilz PNOZmulti 2, Siemens S7-1500F): **€ 3–5 k**.
- Bekabeling + Categorie 3/PL d-certificering en documentatie volgens EN ISO 13849-1: **€ 4–8 k.**
**Samen € 15–30 k aan veiligheidsinfrastructuur voor een omhekte robot.**
De cobot bespaart dus € 10–25 k op de veiligheidsuitrusting. Maar verliest dat in de viervoudige cyclustijd. De crossover wordt berekend in productie per shift.
ROI — twee reële voorbeelden
Voorbeeld 1: Kleine series elektronica, 1-shifts-productie
- Product: testen + verpakken van een elektronische print, ca. 800 stuks per shift.
- Handmatig: 1 operator, uurtarief totaal € 18/u (loon + werkgeverslasten + overhead).
- Takt: 30 seconden per stuk (geen knelpunt — de teststand duurt sowieso al 25 s).
- Investering cobot UR5e + gripper + vision + safety: **€ 55–65 k**.
- Investering omhekte robot ABB IRB 1200 + hek + safety: **€ 70–85 k.**
Bij 1 shift × 5 dagen × 50 weken = 2 000 u per jaar × € 18 = **€ 36 k/jaar loonbesparing.**
Cobot ROI: 65/36 = **1,8 jaar.** Omhekte robot ROI: 80/36 = **2,2 jaar.**
Hier wint de cobot — niet alleen vanwege 15–20 % lagere CAPEX, maar ook omdat een kleine serie frequente herprogrammering en productwisseling betekent. Een cobot wordt in 2 uur herprogrammeerd via kinesthetic teaching + UR PolyScope. Een omhekte robot in RobotStudio / KAREL / RAPID kost 1–2 dagen met offline simulatie. Bij één productwissel per maand is dat 12 dagen aan extra engineering per jaar — dat is € 8–12 k. De cobot wint dubbel.
Voorbeeld 2: Tier-2 automotive-leverancier, 3-shifts-productie
- Product: lassen + machine-onload, **6 000 stuks per shift, 3 shifts per dag.**
- Takt: 4,5 seconden per stuk. Dit is duidelijk buiten het cobot-venster.
- Handmatig: 2 operators per shift (één lassen, één manipulatie) × 3 shifts = 6 FTE × € 22/u (auto-industrie, hogere overhead + nachtoptoeslagen) × 2 000 u = **€ 264 k/jaar.**
- Investering omhekte robot FANUC R-2000iC/165F + hek + safety + laskop: **€ 140–180 k.**
- Investering cobot — **kan niet, takt is onhaalbaar.** Zelfs met twee cobots in een parallel proces zou u onder 50 % van het vermogen van de omhekte zitten met vergelijkbare CAPEX.
Omhekte robot ROI: 160/264 = **0,6 jaar.** Zeven maanden en de machine is afbetaald; 9,5 jaar werking gaat direct naar de P&L.
In Tier-2 automotive wordt de cobot in dit profiel **nooit gebruikt.** Niet uit ideologie — uit takt-wiskunde.
Wanneer een cobot zonder twijfel
- Kleine series (< 1 000 stuks/dag), frequente herprogrammering, gemengde producten.
- Gedeelde werkzone met een mens (kwaliteitscontrole, complex laden, waar de mens een visuele check toevoegt).
- Cyclustijd > 8 seconden, die niet ingekort kan worden door een andere knoop in de lijn.
- Startende productie die niemand met certificering voor industriële robots heeft. Het programmeren van een cobot kan een mechatronicus na een maand inwerken.
- Office-achtige omgeving (laboratorium, apotheekdispensing, kleinschalige elektronica) — waar een hek brutaal oogt en het werkplek-esthetiek vernielt.
Wanneer een omhekte industriële robot zonder twijfel
- Takt < 5 seconden per cyclus.
- 2+-shifts-productie, waar het hek snel wordt afgeschreven.
- Hoge payloads (> 15 kg) — een cobot bestaat hier (Doosan H2017, FANUC CRX-25iA), maar voor een prijs die het voordeel uitwist, en met een nog tragere takt.
- Lassen, slijpen, doseren met reactieve media — veiligheidsrisico's die ISO/TS 15066 power-limit niet dekt. MIG/MAG-vonken kan een cobot wel aan, maar een operator in een 1-meterzone tijdens lassen is een Arbo-probleem dat niemand wil ondertekenen.
- Bestaand robotpark waar het team RAPID/KAREL/KRL beheerst — het toevoegen van weer een cobot met een eigen ecosysteem is organisatorische wrijving.
Hybride setup — de meest voorkomende realistische keuze voor middelgrote bedrijven
In een volautomatische lijn voor volumes van 2 000–4 000 stuks per shift wordt typisch gecombineerd:
1. **Hoofdcyclus = omhekte robot.** Snelle manipulatie, hoge payload, operator buiten de zone. 2. **Zijstation met cobot.** Visuele inspectie, materiaalinvoer aan het begin van de lijn, cassettewissel die niet voldoende loont om volledig te automatiseren. 3. **Gedeelde veiligheidsarchitectuur.** Eén Pilz PNOZmulti 2 of Siemens F-CPU bedient zowel de hekomheining van de IR als de power-and-force-limit-controllers voor de cobot. Gedeelde HMI, gedeelde onderhoud.
Deze verdeling komt meestal uit op 60 % CAPEX van een omhekte en 40 % CAPEX van een cobot — en levert de volledige takt van de lijn zonder compromissen in de zones waar de mens toch al moet zijn.
Wat te checken vóór de bestelling
Onafhankelijk van de keuze: vier verificaties vóór de PO:
1. **Reële payload + snelheidscombinatie.** Een cobot UR10e met 12,5 kg payload IS NIET gelijk aan eentje met 3 kg. Bij max payload daalt de snelheid met 30–50 %. Datasheets tonen beide los; meten toont de realiteit. 2. **Reach + singulariteitszones.** Controleer de kinematica in simulatie (RoboDK, Process Simulate, Universal Robots Studio) voor uw werkelijke traject — niet voor een beursdemo. 3. **Cycle time test op uw eigen onderdeel, niet op een lego-blokje.** Een distributeur laat u graag een demo zien. Vraag de cycle time op uw onderdeel, met uw gripper, op uw traject. Het verschil is meestal 30–100 %. 4. **Total cost** = robot + gripper + safety + integratie + offline programming software (RobotStudio € 4–8 k, RoboDK € 1,5 k licentie, KUKA.Sim € 5–12 k) + teamopleiding (3–5 dagen × € 1,5 k/dag). De werkelijke prijs is doorgaans 2,2–2,8× die van de arm zelf.
---
*We schrijven dit als technische partner die de afgelopen jaren beide typen in dezelfde klantomgevingen heeft geïntegreerd. Bent u in een concrete use-case geïnteresseerd, dan loopt de eerste consult (90 minuten) de takt, payload en het veiligheidsprofiel op uw daadwerkelijke taak door en geeft u een indicatieve CAPEX nog vóór iemand u een offerte stuurt.*